350 jaar Corelli

Dit artikel werd oorspronkelijk gepubliceerd als inleiding tot het slotconcert van het Holland Festival Oude Muziek Utrecht 2003. Dit concert - gegeven door Simon Murphy en de New Dutch Academy - werd live uitgezonden in Nederland door de Nederlandse Radio (AVRO) en internationaal door de EBU.

Simon Murphy NDA Corelli 2003

Toelichting

In de achttiende eeuw domineerde de Italiaanse cultuur in heel Noord-Europa: geen enkel hof was daar compleet zonder een aantal Italiaanse musici. De kunstcollecties in de salons waren tot de nok toe gevuld met Italiaanse schilderkunst en Italiaanse operahuizen schoten als paddestoelen uit de grond, tot in Frankrijk toe. Reizigers uit noordelijke streken vertrokken naar Italië om daar Rome, Milaan, Florence en Venetië te zien en bliezen met de ‘grand tour’ het verschijnsel bedevaart nieuw leven in. Compleet nieuwe steden werden opgetrokken naar Italiaans voorbeeld, zoals het verre St.-Petersburg.

In Noord-Europa gold de violist en componist Arcangelo Corelli (1653-1713) als de personificatie van de Italiaanse stijl. Hij was het vleesgeworden ‘Italianissimo’, waarbij de rest van Europa de vingers aflikte. Zijn muziek werd beschouwd als het ultieme voorbeeld van Italiaanse instrumentale virtuositeit, expressie en smaak. De componist groeide uit tot een fenomeen en verwierf een niet eerder vertoonde sterstatus, vergelijkbaar met die van musici als Dizzy Gillespie, Charlie Parker, Jimi Hendrix of Angus Young nu. Corelli was de hardrocker van zijn tijd – tijdens zijn leven een cultfiguur en voortrekker, na zijn dood een aanbeden halfgod.

Corelli’s muziek stond model voor duizenden sonates van anderen, zijn stijl was de inspiratiebron voor talloze uitvoerders en zijn improvisatie- en versieringskunst aanleiding tot legendevorming. Geen enkele andere componist werd zo stelselmatig herdrukt gedurende de achttiende eeuw, geen enkele andere uitvoerder zo fanatiek geïmiteerd.

Corelli’s populariteit valt mede te verklaren uit zijn Romeinse wortels: de artistieke weelde die daar in de zeventiende eeuw heerste weerklinkt in zijn muziek. Door naar Corelli te luisteren waande je je in de duizelingwekkende visuele wereld van Borromini, Cortona en Bernini. Je zag als het ware de palazzi, de kerken, de fresco’s, schilderijen en beeldhouwwerken van Rome zó voor je.

Behalve musicus was Corelli ook een fervent kunstliefhebber; hij bezat bij zijn dood in 1713 niet minder dan 150 schilderijen. Zijn collectie geeft een goed beeld van zijn persoonlijke smaak. Hoewel van de meeste werken geen exacte titels kunnen worden achterhaald, weten we wel wie de schilders waren en hoeveel doeken hij van iedereen bezat: bijvoorbeeld 22 doeken van Gaspard Dughet (G. Poussin), 22 van Trevisani, zes van Onofri, vier van Cignani, vier van Maratta en zeven van de Nederlands/Italiaanse kunstenaar Van Wittel (Vanvitelli).

Net als zijn schilderijenverzameling straalt Corelli’s muzikale esthetiek zowel eruditie als sensualiteit uit en is ze vervuld van diepe kleuren, vibrerende expressie en grootse gebaren, met een hang naar het extraverte en zelfs het extreme. Het is academisch en goed onderbouwd maar nooit saai; spontaan en vervuld van leven maar nooit gratuit. Het slaat een brug tussen het intellectuele en het sensuele en verbindt het aardse met het spirituele. Corelli verenigt al deze elementen met een onnavolgbaar gevoel voor balans en structuur. Binnen de grenzen van zijn stijl is heeft zijn esthetiek een broertje dood aan ‘minder is meer’, aangezien meer nooit genoeg kan zijn.

Nu associëren we improvisatie met jazz, maar improvisatie (of ‘extemporisatie’, ‘figuratie’ of ‘ornamentatie’) was een buitengewoon belangrijk element in de Corelliaanse traditie. De componist draagt het ontwerp aan, het raamwerk, de basisideeën, en de inspiratie. De rest is aan de uitvoerder – hij moet weten wat hem te doen staat, en ervoor gáán. Voor de solovioolpartijen in de concerti grossi hebben we overgeleverde voorbeelden van Corelli’s eigen versieringen als inspiratiebron gebruikt. En die zijn – zacht uitgedrukt – bloemrijk.

Ook vanwege de basso continuo roept Corelli associaties op met jazz. Net zoals de ritmesectie in een jazzband zorgt de continuosectie in een orkest voor de baslijn, de harmonische structuur en de ritmische drive. Corelli hield van een grote continuosectie. We hebben dat gerespecteerd en onze continuosectie groot en gevarieerd bezet. De continuopartijen zijn, alweer net als in de jazz, fragmentarisch genoteerd in basnoten met akkoordsymbolen. De spelers verzinnen de rest er zelf bij.

Dit concert is een hommage aan Corelli, die 350 jaar geleden werd geboren, en aan de man die hem in de achttiende eeuw beroemd maakte: de Nederlandse uitgever Estienne Roger. Hij was destijds grotendeels verantwoordelijk voor de belangstelling voor Corelli’s muziek en voor zijn sterstatus. Dankzij Rogers vele uitgaven van de kamer- en orkestmuziek kennen wij Corelli nu nog. Omdat wij als Noord-Europeanen nog steeds onder de indruk zijn van de Italiaanse cultuur, willen we de historische betekenis van Nederland voor Corelli’s muziek onderstrepen. Daarom zullen we in deze uitvoering de concerti grossi spelen in de Noord-Europese stemming die destijds in Amsterdam werd gehanteerd (en die hoger is dan de Romeinse), maar dan in combinatie met het grootschalige orkest waaraan Corelli zelf de voorkeur gaf.

Simon Murphy (Nederlands Jolande van der Klis)

 

Holland Festival Oude Muziek Utrecht, Zondag 7 september 2003, 20.00 uur, Vredenburg, grote zaal

New Dutch Academy o.l.v. Simon Murphy

Programma

Arcangelo Corelli: 1653 – 2003

Sinfonia in d-klein (Ouverture bij G.B. Luliers oratorium Santa Beatrice d'Este, Rome, 1689)

  • Grave
  • Allegro
  • Adagio – Largo assai
  • Vivace

Concerto da camera in Bes-groot op.6 no.11*

  • Preludio
  • Allemande
  • Sarabanda
  • Giga

Sonata a Quattro in g-klein (gepubliceerd Amsterdam, 1699)

  • Adagio – Andante largo
  • Allegro
  • Grave – Presto
  • Vivace

Concerto da chiesa in D-groot op.6 no.4*

  • Adagio - Allegro
  • Adagio – Vivace
  • Allegro

pauze

Concerto da camera in F-groot op.6 no 12*

  • Preludio
  • Sarabanda
  • Giga

Concerto da chiesa in g-klein ‘fatto per la notte di natale’ op.6 no.8*

  • Vivace – Grave
  • Allegro
  • Adagio – Allegro – Adagio
  • Vivace – Allegro – Largo (Pastorale)

Fuga a Quattro Voci (Allegro)

* Concerti Grossi Opus 6  - eerst uitgegeven door Estienne Roger, Amsterdam, 1714

 

Luister naar de CD gemaakt tijdens dit concert